Transport hoog drachtige koe wordt zaak van strafrechter

Transport hoog drachtige koe wordt zaak van strafrechter

Geschreven door | 2022-01-26T14:49:11+00:00 26 januari, 2022|Algemeen|

Veehouders die vanaf 1 februari een hoog drachtige koe op transport zetten, moeten voor de strafrechter verschijnen voor het overtreden van Transportverordening en dierenmishandeling.  Dit maken het openbaar ministerie (OM) en de Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteiten (NVWA) vandaag bekend.  

 

Drachtige dieren waarbij de draagtijd minimaal 90 procent is verstreken mogen volgens de Europese regeling niet worden getransporteerd. Deze dieren zijn niet in staat om te worden vervoerd, ook niet voor korte afstanden. Dit geldt ook voor runderen die korter dan een week hebben gekalfd. Het slachten van deze dieren zelf is in Nederland en in de rest van de Europese Unie niet verboden.

 

Geen weg naar buiten 

Zodra een hoog drachtige koe het slachthuis binnenkomt is er geen weg meer naar buiten. Het dier wordt vrijwel direct gedood. Het ongeboren kalf krijgt geen zuurstof meer en schopt, omdat het in doodsnood verkeert. Vanaf 1 februari wordt dit gezien als een overtreding van de Wet dieren (dierenmishandeling). De veehouders werden tot nu toe alleen het overtreden van de Transportverordening verweten en bleef het bij een waarschuwing of een bestuurlijke boete.

 

Meer impact 

Volgens het OM heeft een strafzaak meer impact voor de boer, dan alleen een bestuurlijke boete. Bij een veroordeling volgt een strafblad, bij een bestuurlijke boete niet. Bij de strafrechter zijn verschillende sancties denkbaar. Er kan een geldboete worden opgelegd, maar ook het stilleggen van de onderneming is mogelijk. De rechter kan ook kiezen voor een werkstraf of een gevangenisstraf. Bij een strafrechtelijke vervolging is vaak ook sprake van imagoschade.

 

Verantwoordelijkheid bij de veehouder 

Jaarlijks worden ruim een half miljoen runderen geslacht. Het is voor het slachthuis ondoenlijk om alle runderen op dracht en bevalling te controleren. Deze verantwoordelijkheid ligt bij de veehouder en kunnen zij hiervoor worden aangeklaagd, vinden het OM en de NVWA: “Van de veehouder mag worden verwacht dat die goed zicht heeft op de draagtijd van het vee en daarnaar handelt”. De NVWA constateerde in 2020 in slachthuizen 210 runderen die hoogdrachtig waren en niet vervoerd hadden mogen worden.

 

Nog geen wet 

Voormalig landbouwminister Carola Schouten kwam in oktober 2020 met een ontwerpbesluit dat de handel in runderen in het laatste trimester van de dracht verbiedt. Schouten beloofde gesprekken met boeren over betere administratie van drachtig vee en bewustwording. Maar een wettelijk verbod op het slachten van zwangere koeien vanaf zes maanden is nog niet tot stand gekomen. Hiervan ligt het concept bij NVWA die toetst op handhaafbaarheid, uitvoerbaarheid en fraudebestendigheid.

 

Over de auteur:

Marjan Buring is eigenaar van het Algemeen Drents Persbureau. Ze is sinds 2000 rechtbankverslaggever. Daarnaast schrijft ze algemene nieuws- of achtergrondverhalen. Twitteraars kennen haar als @Marjannnnn